DE KINDEREN ADLER

LOTTE
Frankfurt am Main 8.2.1925 – 26.3.1943 Sobibor
In weeshuis: 22.11.1938 – 17.3.1943 (4.3 jaar: van 13.9 – 18.1 jaar)
Gedeporteerd: 23.3.1943 naar Sobibor

HENNY HENRIETTE
Frankfurt am Main 23.7.1930 – 26.3.1943 Sobibor
In weeshuis: 22.11.1938 – 17.3.1943 (4.3 jaar: van 8.3 tot 12.7 jaar)
Gedeporteerd: 23.3.943 naar Sobibor

Vader:
Herman Adler
26.2.1890 – 3.7.1938 in concentratiekamp Buchenwald bij Frankdurf am Main
Moeder
Clara Braun
25.3.1891 – Geëmigreerd naar Amerika

Moeder Adler is na het overlijden van haar man met haar twee kinderen en met Else Straus en diens dochter Edith, die bij hen inwoonden op Dominikanerplatz 12, uit Frankfurt am Main naar Nederland vertrokken. Daar zijn de drie kinderen, Lotte van 13 en Henny plus Edith van 8 ondergebracht in het weeshuis. Vandaar zijn de moeders verder gereisd naar de Verenigde Staten. Een maand later, op 19 december 1938 was er al een beschikking van het ministerie van BZ voor Edith om haar moeder achterna te reizen, waar het echter pas 10 maanden later van komt. De zusjes Lotte en Henny zijn nooit met hun moeder verenigd kunnen worden.

Lotte ging op 1 november 1938 al, dus anderhalve week nadat ze in de gemeente Leiden was ingeschreven, naar de kweekschool vaan voorbereidend onderwijs aan het Rapenburg en de Vliet, beter bekend als de Haansta. Daar raakt ze bevriend met Mien van der Saai van de sportwinkel op de hoek van de Botermarkt en het Gangetje, met Jopie Vos en Jannie Koolhaas van de verfwinkel in de Nieuwsteeg 37. Dat was op een steenworp afstand van hun school, en zo ging Lotte ook wel eens met Jannie mee naar huis. Mien van der Saai schreef later haar herinneringen aan de oorlog in verhaalvorm op; de niet gepubliceerde bundel noemde ze Sterrennacht 1943. In één van haar verhalen vertelt ze er over dat Lotte, “toen al een kind-met-een-ster”, over onderduiken dacht.[…] Deze passage hebben Gerard Kerkvliet en Martin Uitvliet overgenomen gepubliceerd in hun journalistieke verslag Een pot piccalilli voor Westerbork. Dit gesprek tussen vriendinnen moet hebben plaatsgevonden na het begin van de deportaties uit Westerbork (15 juli 1942), toen onderduiken voor het eerst aan de orde kwam. Lotte, toen 17 jaar oud zat op dat moment al bijna (of langer dan) een jaar niet meer bij Mien, Jopie en Jannie in de klas. De Haanstra-kweekschool had snel gereageerd op het rondschrijven van Burgemeester en Wethouders van 21 augustus 1941 aan de hoofden der gemeentelijke inrichtingen van Onderwijs te Leiden. Een week later al gaf het hoofd ‘Lotte Adler Isr. Weeshuis. Geb. 8 Febr. 1925 te Frankfurt am Main’ op als eerste van vier leerlingen. Weer een week later komt de school erachter dat ze nog iemand vergeten zijn: “Wilt u zo vriendelijk zijn bij mijn lijst van Joodse leerlingen nog toe te voegen […]!

Maar op dezelfde dag schrijft de secretaris van de Vereniging voorbereidend onderwijs de burgemeester een brief van wel zeer veelpunten, waarin hij een lans breekt voor de vijf joodse leerlingen van de Haanstra. Een week later volgt een veel uitgebreider schrijven, dat besluit met een krachtig pleidooi voor juist die eerst ‘vergeten’ leerling en Lotte Adler: ‘In het bijzonder… haar verdere vorming’. En het ongelofelijke gebeurt; NSB-burgemeester De Ruyter van Steveninck zet zich voor deze twee joodse meisjes in! Het mocht niet baten: ze mochten niet blijven.

Wat Lotte de laatste anderhalf jaar van haar leven heeft gedaan weten we niet. Zo nemen we afscheid van haar op die ontroerende foto uit de zomer van 1941, waar ze zich, samen met Mieke Daglooner in de tuin van het weeshuis lijkt te hebben ontfermd over enkele kleuters. Het laatste wat we van haar horen, laat iets zien van de grootheid die zij als 18-jarige al had ontwikkeld. Het zijn twee zinnen uit een briefje gericht aan een vroeger klasgenootje Japie Vos, gevonden op de dag na de ontruiming van het weeshuis: ‘We houden ons flink. Ik zing, terwijl het binnen in me huilt.’

Lotter Adler zong die 17de maart 1943 zonder twijfel voor de kleuters, aan wie ze zo graag haar leven had willen wijden. Terecht is die laatste zin uitgelicht in het artikel over het verslag van Kerkvliet en Uitvliet in het N.I.W. van oktober 1973

Foto's van Lotte en Henny
Lotte en Henny Adler in Frankfurt, april 1935
Lotte Adler in de tuin met enkele kleintjes, 1940
Lotte en Henny Adler, 1941 - 42
Henny Adler, voorjaar 1942
Henny Adler, 1942 schoolfoto 2

Pasfoto Lotte 1942